Ga naar de inhoud

Auteur: Michiel van Reenen

Winterhoop

Rook uit jouw ochtendzon
Goudblauw versterkt
Hatert verstild
Boven witbevroren rails

En spartelend onder het slootijs
Buitelt de zomervis verder
Boven, over het viaduct
Lijdt een vrachtwagen luidkeels.

Station Haarlem Spaarnwoude.

Dan, Alexander…

Dan, Alexander
Zal ik in jouw dromen denken
Maar, in harder zwenken
Zal ik mij in dood verpozen
Dus, door jou te dienen
Moet ik mij verloochenen
Dit gedicht gaat daarom nooit
Mijn website op-oogokenen

Toneelschuur, Haarlem.

Doei

Boem; ik
Stop bij ho maar
Ga
Liever door zo
Want ik
Loof mijzelf
In mijn breedbeeld
Vrijgewelf.

Toneelschuur, Haarlem.

Gielesgiechel

Dwars langs Nuël
In leger tijden
Wist ik mij beter
ter vijand vermijden

En vlak voor Noël
In voller lijden
Weet ik mij visser
Als mens, en heiden.

Toneelschuur, Haarlem.

Grootspraak

En dus droom ik mijn beter
Tijden langs jou heen
Weet ik dat ik, eenmaal eenzaam
Tegenover hem herneem
En denk ik, door mijn droesemdroefheid
Schrijlings langs jouw dijen
Die waarnaast ik mij
Bij leven nooit zal vleien.

Toneelschuur, Haarlem.

Henkter

Vriend, als ik, toen
Dat jou dan
Dwars door kou had
Aangezegd
Dan, had ik jou in zomerrouw
Onbedingd
Afgelegd.

Toneelschuur, Haarlem.

Lovertover

Ik weet wel wat beter schrijft.
Maar ik weet niet wat beklijft
In jouw, of hun, gedachten
Gek genoeg maak ik mij daar
Geen klachtgedachten over
Ik denk vast vooruit,
Naar jouw blik bij

Toneelschuur, Haarlem.

Nigh

Door jouw snorfrons
Zie ik de rivier
Hoog, boven jouw
Krioelende boot
Vind ik mijn vertier
Op onze weg naar Engeland
Waarop ik van jou houd
Is mijn hele leven over
Zoutverslagen brandhout
Leef, lieve Lennaert.

Toneelschuur, Haarlem.

Dinges

ik moet dus niet zelf
aannames gaan maken
sjee, weer iets geleerd
wat ik allang vasthad

Omdat de Harmenjans het niet zelf gedaan had.